De weg omhoog gaat nooit in een recht lijn
De 3-1 nederlaag bij FC Eindhoven kwam hard aan. Niet eens zozeer vanwege de nederlaag, maar vooral door de manier waarop FC Emmen voor rust speelde. Slap, slordig en ver onder het niveau van de afgelopen weken.
Dat deed pijn. Ik was er na afloop ook echt even goed ziek van. Kritisch op
sommige spelers, de opstelling, de tactiek en opnieuw teleurgesteld over het
buitenkansje dat maar niet kwam op 2 september. Nu een paar dagen later, als de
emotie wat is gezakt, komt ook de grote lijn weer in beeld. Want die eerste
zeven wedstrijden laten óók iets anders zien. Dit FC Emmen is goed genoeg om
van vrijwel iedere ploeg in de KKD te winnen.
De weg omhoog gaat nooit in een
rechte lijn.
In dit blog:
- De ondergrens gezien
- De helft van de ballen vliegt er in
- Zo zou ik het neerzetten
Ondergrens gezien
Menno van Dam noemde Eindhoven uit de slechtste wedstrijd van het seizoen.
Terecht. Vooral de eerste helft was ondermaats. Maar moet het na zo’n hele
slechte wedstrijd meteen allemaal helemaal anders?
Wat ging eraan vooraf?
In de eerste wedstrijd thuis tegen Roda JC was FC Emmen misschien wel de mindere
ploeg. Uitgerekend die wedstrijd werd gewonnen. Daarna was Emmen op basis van
spel en kansen eigenlijk steeds minimaal gelijkwaardig en meestal beter dan de
tegenstander.
Zelfs de 4-0 in Venlo bij VVV gaf een vertekend beeld. Tegen Eredivisie degradant Volendam was Emmen
duidelijk beter en tegen linker rijtje club De Graafschap creëerde het genoeg kansen om de
wedstrijd ruim te winnen.
En zelfs in Eindhoven was het na rust niet alleen kommer en kwel.
Emmen kwam veel beter uit de kleedkamer. Cooper-Love maakte verdiend de
1-1. De wedstrijd lag weer helemaal open. Vijf minuten later kreeg Mukeh rood
na een ongelukkig moment tussen hem en Rhein. De rest kennen we.
Opvallend genoeg eindigde zelfs deze slechte avond qua xG vrijwel gelijk:
ongeveer 1,3 voor Emmen tegen 1,4 voor het piep jonge FC Eindhoven. Daar koop je na een 3-1
nederlaag helemaal niets voor, maar het laat wel zien dat Emmen niet negentig
minuten is weggespeeld.
Ook de cijfers over zeven wedstrijden ondersteunen dat beeld. Emmen creëert gemiddeld 2,1 xG per wedstrijd en geeft met ongeveer 1,3 xG juist relatief weinig weg. In een ranglijst op basis van die cijfers behoort FC Emmen tot de top van KKD. Alleen Heracles steekt er behoorlijk bovenuit: de Almeloërs creëren gemiddeld 2,4 xG en geven slechts 1,1 xG weg. Dat zegt natuurlijk niet alles, maar wel iets belangrijks; over zeven wedstrijden creëert Emmen structureel meer en betere kansen dan het de tegenstander toelaat.
Misschien moeten we Eindhoven zien als de ondergrens. Die is nu aangeraakt.
De helft van de ballen vliegt erin
De gunstige statistieken mogen ons niet verblinden voor wat er beter kan.
Sam Karssies keepte tegen De Graafschap nog zijn beste wedstrijd van het
seizoen. In Eindhoven ging het mis. Bij de eerste goal ziet hij er niet goed
uit en ook de 3-1 ontstaat, nadat hij helaas niet voor het eerst dit seizoen
een afstandsschot niet goed verwerkt.
Zijn cijfers zijn inmiddels opvallend: 34 schoten op doel, 17 reddingen, 17
tegengoals. Een reddingspercentage van 50 procent is laag. Het gemiddelde reddingspercentage
in de KKD is 67%. Voor het beeld: 65% van de schoten die FC Emmen op doel
afvuurde werden dit seizoen gestopt door de keeper van de tegenstander. Tel hierbij op
dat Karssies dit seizoen al vier keer een bal losliet, waarna de tegenstander
uit de rebound scoorde… Dan kunnen we voorzichtig concluderen dat Karssies zich nog niet presenteert als de puntenpakker van FC Emmen.
Karssies was na afloop zelf schuldbewust. Prima. Fouten erkennen, ervan
leren en de volgende wedstrijd er weer staan. Maar ben wel benieuwd wat de wens van de
club om na het uitvallen van Baron nu een ervaren keeper aan te trekken met
hem gaat doen.
De keeper is natuurlijk niet alleen schuldig aan de tegengoals. Hij krijgt
ook lastige schoten te verwerken. Dat komt omdat, net als vorig seizoen, de restverdediging nog steeds te vaak niet op orde is. Emmen geeft over een hele wedstrijd
helemaal niet zoveel kansen weg, maar als de organisatie breekt, gaat het vaak
meteen goed mis.
De optimist in mij: we zijn dit seizoen beter begonnen dan de afgelopen 2 seizoenen (8 en 10 punten na 7 wedstrijden) en zelfs beter dan in het promotiejaar (9 punten) en het kampioensjaar (10 punten). En gelukkig is er nog iets om te verbeteren.
Aanstaande zaterdagavond wacht een uitgelezen kans op eerherstel. Thuis tegen Top Oss, de nummer 18 die nog maar lastig tot scoren komt.
Zo zou ik het neerzetten
Misschien saai, maar ik zou tegen TOP Oss helemaal
niet zoveel veranderen. Deze spelers hebben de meeste wedstrijden samen
gespeeld en ik zou ze de kans geven om zich te herstellen van het debacle in
Eindhoven. Maar wel met een simpele boodschap: laat zien dat Eindhoven de
ondergrens was.
Achterin moet vanwege de rode
kaart Mukeh wel vervangen worden. Voor mij is Østergaard daar de logische invulling.
Hij was aan het begin van het seizoen beoogd basisspeler, maar raakte geblesseerd.
Hij is nu hersteld, viel tegen Eindhoven al in. Dus logisch dat hij nu zijn
kans krijgt. Everink staat gewoon rechtsback mits hij hersteld is van zijn
blessure, anders is Voute zijn logische vervanger.
Op het middenveld zou ik wél
iets veranderen: de punt weer naar achteren. Staring voor de verdediging, met
Breij en Quispel daarvoor. Staring is bijna wekelijks één van de belangrijkste
spelers. Niet altijd opvallend, maar hij verovert veel ballen, wint duels, bewaakt
de organisatie en geeft leiding. Met Breij en Quispel ervoor kies je thuis
tegen TOP Oss bovendien voor voetbal en doelgerichtheid. Breij is ervaren en
slim genoeg om aan te voelen wanneer hij verdedigend moet bijspringen en
wanneer hij juist naar voren kan. Quispel brengt doelgerichtheid.
Voorin verdient Abdullatif een
basisplaats. Vanaf links heeft hij tijdens zijn invalbeurten de meeste indruk
gemaakt. Veldhuis verhuist daarom naar rechts. Daarmee staat er ook een snelle speler
met een actie op die vleugel. Cooper-Love blijft in de spits. In volwassenheid,
arbeid en doelpunten levert hij wat je van hem mag verwachten. In de lucht is hij
minder – hij maakte in de KKD zelfs nog nooit een kopgoal – maar met zijn
voeten compenseert hij dat ruimschoots.
We hebben spits Daan Lambers, met zijn lengte, achter de hand voor als het wel op lange ballen en hoge voorzetten aankomt.
Denk en Rhein mogen wat mij betreft
via invalbeurten en minuten bij Onder 21 eerst nog meer wedstrijdritme
opbouwen. Ze komen eraan.
Hojabrpour zie ik vooral als
een speler die heel nuttig kan zijn wanneer er tegen een sterkere tegenstander
meer balans en controle nodig is. Maar thuis tegen TOP Oss mag het van mij wel
lekker avontuurlijk en opportunistisch.
En Chiel Sunder dan? Die lijkt wel mentaal te worden getest nu. Zijn publiekelijk
geuite ambitie om eerste spits te worden lijkt gevolgd te worden door
een les in hoe hard het profvoetbal kan zijn. Zaakwaarnemers, blessures, concurrentie en verwachtingen. Hoop dat hij zijn hoofd koel houdt, zich focust op beter worden, positief blijft en vooral blijft knokken. Kansen voor de nog maar 17-jarige talentvolle aanvaller gaan zeker komen.
Je zou kunnen zeggen: ook voor Chiel geldt, de weg omhoog gaat nooit in een rechte lijn.
Tot zaterdag in De Oude Meerdijk!

Reacties
Een reactie posten